ICT, bedreiging en middel

door ing . C. van Brummelen

Het Instituut voor CultuurEthiek (ICE) heeft een vervolgrapport geschreven in haar reeks over de ICT, getiteld "Identiteit onder invloed - School blijven met ICT en media". Hoewel deze studie specifiek ingaat op de relatie ICT en school, bevat het veel achtergrondinformatie en andere gezichtspunten die ook van belang zijn voor anderen, zoals de kerk. In dit artikel wordt een schets gegeven van de inhoud van de publicatie, daarna worden enkele kanttekeningen geplaatst en tenslotte wordt geprobeerd enkele lijnen te trekken voor de kerk. Dankbaar is gebruikgemaakt van hetgeen op 6 februari op een symposium naar aanleiding van het verschijnen van het rapport is uitgewisseld.

De bijdragen van het ICE aan de bezinning rond ICT worden niet alleen gevoed vanuit de zorg over de negatieve kanten van ICT, maar ook vanuit de verantwoordelijkheid om moderne ontwikkelingen te doorgronden en er op een christelijke manier mee om te gaan. Het zoveel mogelijk weren van de ICT wordt bij voorbaat als een onverantwoordelijke en onhaalbare strategie afgewezen. In de stortvloed van medialisering is risicominimalisatie alléén geen goed christelijk antwoord. Het kwade en het goede moeten worden onderkend, en daarnaar moet worden gehandeld. Je laten verlammen door het verkeerde is een valkuil. Als Israël bij de berg Horeb een gouden kalf maakt om hun godsdienst te beleven, wijst de HEERE dat wel heel duidelijk aan als zonde en Hij verslaat er duizenden, maar Hij geeft het volk wel iets beters: de tabernakeldienst.

Schets van de studie

De schrijver, dr. ir. Rob A. Nijhoff, typeert eerst de westerse dynamische samenleving met de woorden veel, vlug en vrij. In de Verlichting is de mens, als subject, centraal komen te staan; de wereld draait om het ik. Beheersingsdenken en een vrijheidsideaal werden leidend op alle terreinen van het leven. ICT is daar een logische uiting, een gevolg van en versterkt deze tendensen. Dit alles staat uiteraard op gespannen voet met de christelijke grondhouding. Er wordt gepleit om hier tegenover het ABC te plaatsen van Aandacht, Binding en Context om niet versnipperd te raken tussen het Vele, het Vlugge en het Vrije.

Het gedachtengoed van de Verlichting mondt uit in het postmoderne denken, dat binnen het onderwijs opgeld doet in het zogenaamde sociaal-constructivisme. Het christelijke onderwijs doet er goed aan de wortels daarvan goed te onderkennen en kritisch te beoordelen. In een christelijke onderwijsvisie wordt ook tegenwicht geboden door onder andere de waarde van de gemeenschap en haar traditie te benadrukken. Binnen dat versterkte kader kan men vervolgens bewust gebruik maken van ICT-middelen of van inzichten van dit sociaal-constructivisme. De laatste twee hoofdstukken gaan dieper in op het mogelijke antwoord van de school om haar roeping te verstaan en er concreet gestalte aan te geven. Lezers uit het onderwijs worden opgeroepen hiervan zeker kennis te nemen.

Enkele kanttekeningen

De analyse die het rapport biedt, is diepgravend. Er is veel materiaal aangedragen om de drijvende krachten achter en de kwalijke gevolgen van de ICT te zien. De duiding van een aantal zaken wil ik hier proberen nog wat aan te scherpen. Zo is het beheersings- en het vrijheidsideaal mijns inziens linea recta een uiting van het "als God willen zijn, kennende het goed en het kwaad". Dé begeerte die oorzaak was van de zondeval. Omdat ICT die idealen onderstreept, sluit ze ook naadloos aan bij de werken van het vlees en de beginselen van de wereld. Als het sociaal-constructivisme wortelt in de subjectivering die de Verlichting heeft ingezet, is zij dus in haar subject-centrisme af te wijzen als zondig.

Het rapport zou aan diepgang gewonnen hebben dit zo te benoemen, omdat dan ook de weg helderder gewezen kon worden: de weg van bekering, geloof, van afhankelijkheid van Gods Geest, van Christus Zelf. De kans is anders reëel dat we actief aan het werk gaan om ICT op een goede manier proberen te gebruiken en in wezen nog steeds gedreven worden door het beheersingsideaal.

Hoe raakt ICT de kerk?

Ook de kerk ondervindt op dit moment invloed van de ICT, namelijk doordat haar leden veel ICT gebruiken. In het bovenstaande is gesproken over de zondige wortels of drijfveren die achter de ICT kunnen zitten. Maar er zijn ook heel concrete gevolgen, waarvan het rapport een overzicht biedt en die zeker ook voor de kerk schadelijk zijn. De belangrijkste zijn mijns inziens:

1. De betekenis van instituties, zoals kerken, neemt af naarmate mensen in meer, andere netwerken kunnen functioneren.

2. Het ethische besef wordt door ICT aangetast. Dit proces heeft drie oorzaken: aandacht voor het vele, het hier en nu gaat ten koste van het perspectief van verleden of toekomst, een houding van observeren wordt meer gewoon dan die van intieme betrokkenheid, en de passie voor weten en meten gaat ten koste van echte aandacht voor de betekenis en de zin der dingen.

3. ICT laat mensen gemakkelijk kennismaken met een veelheid aan (morele) opvattingen, waardoor het geloof in het bestaan van één Waarheid moeilijker wordt.

4. Visualisering wordt gevolgd door sensualisering, dat inspeelt op de behoeften van het vlees. Liefde tot genot verdringt de liefde tot God.

5. Vertechnisering van de menselijke communicatie kan ten koste gaan van het directe, persoonlijke contact dat in elkaars nabijheid plaatsvindt. Dat contact heeft meerwaarde boven het contact met behulp van ICT en is voor opvoeding, vorming en vertrouwensrelaties essentieel.

Welke weg is dan begaanbaar?

Op de studiedag is verschillende malen gewezen op de noodzaak van de verlichting door Gods Geest. Zonder dat doorgronden we onvoldoende de wortels van de huidige cultuur en worden we - onbewust veelal - meegezogen in de cultuur van de mens zonder God. Wat voor ons prioriteit één zou moeten zijn, is het kennen van "de oorspronkelijke aanspraak van God", zoals prof. Jochemsen dat uitdrukte. Wat vraagt God van ons? Als we dat door Gods Geest enigszins mogen verstaan, gaan we ICT kritisch toepassen: het is dan een "getemde" ICT.

Een aanzet

Zonder mij al te druk te maken over compleetheid en systematiek, zie ik dat God allereerst van Zijn kerk verwacht dat zij gemeenschap oefent met Hem en onderling. De enkeling zonder God wordt opgenomen in een gemeenschap om daar te léven. Binnen die gemeenschap hebben verkondiging, lofprijzing, terechtwijzing, schuldbelijdenis, bemoediging, onderwijs, hulpbetoon allemaal een plaats als het goed is. Naar buiten toe is er het geven van getuigenis en ook hulpbetoon. In het functioneren van de gemeenschap in al deze zaken kan ICT een rol vervullen, als middel, en weloverwogen. Bijvoorbeeld, daar waar andere middelen tekortschieten, en daar waar mensen, die je bereiken wil voorkeur hebben voor ICT en die je anders niet zou bereiken. Op die manier zijn we dan niet gepassioneerd door ICT, maar gebruiken we het in onze liefde tot God en onze naaste.

n.a.v. Identiteit onder invloed - school blijven met ICT en media. Van drs. ir. Rob A. Nijhoff. Uitgave van het Instituut voor CultuurEthiek, Amersfoort, januari 2004. e-mail: ice@planet.nl

Bovenstaand artikel verscheen in het het blad "Refomail" van Stichting Reformatica, jaargang 2004, nr. 1.

subpagina's van pagina 'Archief':

2004, IBA-studiedag, programma2004, IBA-studiemiddag, RD-verslag2004, Media-Educatie, Meditatie2004, Media-Educatie, verslag Eilandennieuws2004, Media-Educatie, commentaar ND»2004, Media-Educatie, commentaar Refomail2005, IBA-studiedag, verslag RD2005, IBA-studiedag, verslag MijnZorg2009, IBA-dag, toekijken of toezien?!